Hoe het faillissement van Lovers tot stand kwam - en waarom het vonnis opvalt

zondag, 18 januari 2026 (14:33) - Bonaire.nu

In dit artikel:

In Willemstad is Lovers Industrial Corporation B.V. failliet verklaard, niet door een gewone betalingsachterstand maar door een geëscaleerd juridisch en familiair aandeelhoudersconflict dat via buitenlandse procedures lokale bedrijfsvoering lamlegde. De zaak draait om drie nauw verweven partijen: Vanddis B.V. (meerderheidsaandeelhouder), Lovers Industrial USA, LLC (LIUSA, minderheidsaandeelhouder) en de gezamenlijke familieachtergrond van hun aandeelhouders.

De directe aanleiding was een conservatoir beslag dat LIUSA op 11 december 2025 legde op activa van Lovers als zekerheid voor een geclaimde vordering van ruim 3 miljoen dollar in een Amerikaanse zaak over merkrechten en royalty’s. Dat beslag had in korte tijd verstrekkende praktische gevolgen: banken verklaarden leningen opeisbaar, de ontvanger legde beslag op roerende zaken en vrijwel alle activa bleken al met zekerheidsrechten bezwaard. Hierdoor raakte Lovers zonder financiële speelruimte — leveranciers en lonen konden niet meer worden betaald, grondstoffen niet worden ingekocht en onderhoud aan machines viel weg, met verloren productie en afnemend vertrouwen van klanten en personeel tot gevolg.

Vanddis en Lovers concludeerden dat een spoedprocedure tegen het beslag weinig kans had; het beslag zou voorlopig standhouden. Het Gerecht in eerste aanleg wilde aanvankelijk geen faillissement uitspreken en zag het verzoek als mogelijk misbruik van het faillissementsinstrument om een aandeelhoudersgeschil te beslechten. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie gaf echter een opmerkelijk ander oordeel in hoger beroep: de wettelijke faillissementsvoorwaarden waren aanwezig — Lovers was opgehouden te betalen — en er was onvoldoende bewijs voor misbruik van bevoegdheid. Het Hof beschouwde het faillissement als reactie op reële, acute financiële nood en niet als strategisch drukmiddel.

Met het vonnis is Barbara Nagelmakers als curator benoemd; de nadruk verschuift nu naar afwikkeling en de mogelijkheid van een doorstart. Vanddis had juist gepleit voor een gecontroleerd faillissement om resterende waarde, werkgelegenheid en productiecapaciteit te behouden. De uitspraak illustreert hoe buitenlandse zekerheidsmaatregelen en familiegebonden aandeelhoudersconflicten in een lokale context kunnen uitmonden in een onomkeerbare kettingreactie waarbij insolventierecht functioneert als noodrem. De volgende fase zal bepalen of en hoe een doorstart kan worden gerealiseerd.